We hebben allemaal wel eens van die dagen dat we gewoon thuis willen blijven, heerlijk willen uitslapen, aan het huis willen klussen of simpelweg de dingen willen doen die we al veel te lang hebben uitgesteld. Gewoon even niet werken en je leven leiden zoals jij dat wilt. Tenminste, ik heb dat zeker. Bijna elke week heb ik wel een moment dat ik eigenlijk helemaal niks wil doen, lekker wil uitslapen, eindelijk dat ene uitje wil maken of gewoon lekker thuis wil chillen. Gewoon even niks, geen enkele verplichting. Maar dat kan natuurlijk niet, en stiekem ben ik daar best blij om. Op de momenten dat ik dat wél zou kunnen, vrees ik dat het qua financiën, huishouden en de kinderen al snel een puinhoop zou worden. Van lui zijn bereik je immers niets.
God waarschuwt ons ook voor luiheid. Luiheid zorgt voor armoede en geestelijke verzwakking. Maar God waarschuwt ons ook dat als we werken, we dat moeten doen voor God en niet voor de mensen. Als ik dan denk aan wat ik wel eens wil en dat het niet gebeurt ben ik wel degelijk dankbaar. God beschermt mij hierin om lui te worden in mijn geloof, lui in mijn werk en Hij beschermt mij tegen armoede. Als ik niet werk of mijn man niet werkt, zitten we met kosten die we niet kunnen betalen of kunnen we geen monden voeden. God ziet alles om ons heen en weet wat het beste is voor ons, zo beschermt hij mij voor de luiheid die ik soms heb of wil hebben.
Op de dagen dat ik echt lui wil zijn, is er altijd wel een stemmetje dat mij zegt: “Nee, je moet opstaan,” en voel ik me oprecht schuldig als ik toch blijf liggen of zitten. Soms is dat stemmetje er niet, maar gebeuren er gewoon dingen waardoor ik de kans niet krijg om lui te zijn. Een goed voorbeeld hiervan zijn mijn kinderen. Met kinderen gaat dat net wat makkelijker, omdat je negen van de tien keer niet eens de keuze hebt om lui te zijn. Geloof me, er zijn ouders die die keuze ondanks hun kinderen nog steeds hebben, omdat ze simpelweg egoïstisch zijn en de behoeften van hun kinderen bewust of onbewust negeren. Nou, bij mij is dit gelukkig niet het geval, dus ik neem mijn eigen leven als moeder als voorbeeld.
Zit ik lekker op de bank heerlijk tv te kijken, tijd voor mezelf en gewoon even niks doen, terwijl mijn dreumes van één jaar lekker aan het spelen is en ik denk: “Hèhè, eindelijk rust.” Komt ze na drie minuten, midden in een spannend moment van mijn film of serie, om drinken vragen. Ik moet dan de tv pauzeren omdat ik drinken voor haar moet pakken, erbij moet blijven (anders maakt ze er een zwembad van) en haar drinkbeker weer moet opruimen. Dit kost al vijftien minuten van mijn dag. Ja, vijftien minuten, want ze drinkt, stopt om te praten en drinkt dan pas weer verder. En dat zo’n drie keer achter elkaar. Ga ik daarna weer verder met tv-kijken, dan is mijn baby ineens wakker en moet deze verschoond worden. Zo word ik in de praktijk eigenlijk altijd uit mijn luiheid gehaald. Soms is dat heel frustrerend, maar het is wel noodzakelijk.
In de week werk ik drie à vier dagen. Natuurlijk werk ik ook om geld te verdienen, maar in de eerste plaats werk ik voor God. Geld is voor mij daarom een bijzaak. Dit heb ik door de jaren heen geleerd; het was zelfs een van de eerste lessen die ik van God kreeg toen ik uit de schulden kwam. Geld is belangrijk, maar mijn vertrouwen en mijn band met God zijn belangrijker. Door de jaren heen heb ik gemerkt dat God er altijd is, ook in mijn financiën. Werk of geen werk: zolang ik doe wat God van mij vraagt en probeer te gehoorzamen, valt alles op zijn plek als een puzzelstukje. Een voorbeeld hiervan is mijn wil om te werken. Ik wil graag werken, maar ik heb gemerkt dat al mijn plannen om als juf aan de slag te gaan niet altijd doorgaan of lopen zoals ik wil. Soms schiet ik dan in paniek, omdat er rekeningen betaald moeten worden en mijn man net niet genoeg verdient voor die ene extra, te grote rekening. Op zo’n moment bid en dank ik God voor Zijn weg, en in dezelfde week of weken later krijgt mijn man ineens loonsverhoging. De wil om te werken moet er zijn om niet lui te worden, maar het moet niet je leven bepalen of ervoor zorgen dat je het doel dat God voor jou heeft uit het oog verliest. Ik heb al heel wat mensen horen zeggen: “Ja, maar alles is duurder geworden en we leven in een andere tijd. We moeten toch onze rekeningen betalen?” Dat snap ik heel goed, maar ik hoef daar niet harder voor te zwoegen of mijn leven voor aan de kant te zetten. God heeft uitdrukkelijk gezegd dat wij hetzelfde moeten blijven wanneer de wereld verandert, en dat we niet met de wereld mee moeten veranderen. God heeft uitdrukkelijk gezegd dat als wij onze zorgen bij Hem leggen, Hij ons helpt. God heeft ons uitdrukkelijk gezegd dat geld belangrijk is, maar niet belangrijker dan Hem. Vertrouwen hebben in God is voor mij dus ook Vertrouwen dat Hij jou financieel situatie stabiel maakt en veranderen kan. Je kunt niet zeggen dat je God vertrouwt maar uiteindelijk op je eigen kunnen vertrouwen als het gaat om je financiën. Als je je leven aan Jezus geeft, hoort daar ook je financiële vlak bij. Hoe dan ook zal Hij zorgen dat jij hebt wat jij nodig hebt en zeker wanneer jij daarom vraagt.
Leave a Reply